SCHOOL


Ta(a)lentklas scholing voor toekomstige taaltalenten

In 2012 is in Amersfoort gestart om de Ta(a)lentklas op verschillende basisscholen in te voeren. Inmiddels zijn dat er acht. Adviesbureau Sardes, specialist op het gebied van onderwijs, opvang en opvoeding, is initiator van het programma. Na hun opstart ligt het initiatief nu bij de scholen om nieuwe dingen te ontwikkelen en uit te proberen. Op basisschool De Windroos hebben de kinderen van groep 7 en 8 de mogelijkheid om mee te doen met de Ta(a)lentklas; een combinatieklas waarin gewerkt wordt aan begrijpend lezen en woordenschat.


Volgens Katie Smit, leerkracht op de Windroos en coördinator van de Ta(a)lentklas zijn er leerlingen in groep 7 en 8 die enerzijds hoog scoren op rekenen en spelling, maar anderzijds laag op begrijpend lezen en woordenschat. En dat is zonde, want hierdoor valt het advies voor het voortgezet onderwijs (VO) lager uit dan wenselijk. Door deze leerlingen nu twee uur per week, intensief bezig te laten zijn met begrijpend lezen haalt vijftig procent een hoger uitstroomadvies. Die stromen straks bijvoorbeeld in op havo, in plaats van mavo. “Hoe dan ook, ze beginnen beter voorbereid op het voortgezet onderwijs”, aldus Katie.


Potentieel

De heersende mening dat leerlingen worden opgejaagd naar een hoger niveau ‘omdat het lagere niveau niet goed genoeg zou zijn’, is niet waar. De leerlingen die meedoen aan dit programma krijgen de kans om hun potentieel te gebruiken. Dat zit er vaak wel degelijk in. Door extra stimulering kunnen ze dat nu ook laten zien.

Ieder jaar hebben Katie en haar collega Jessica wel zo’n dertig kandidaten voor de Ta(a)lentklas. Niet ieder kind wordt zomaar toegelaten. Katie: “Het moet zin hebben. Alleen leerlingen die echt gemotiveerd zijn, verwerven een plek. Het programma vergt veel van het kind én van de ouders. Doorzettingsvermogen, inzet en motivatie zijn enkele van de criteria waarop we beoordelen.”


Verdieping

Het programma tijdens de lessen is echt anders dan de reguliere taalles. Alle leerlingen komen twee uur per week na schooltijd bijeen in het lokaal van juf Katie of juf Jessica. De thee en koekjes staan klaar. “We proberen een beetje een andere sfeer te creëren dan normaal op school, een beetje alsof je thuis bent”, zegt Katie. De kinderen die hier binnenkomen weten wat er van ze wordt verwacht. De krant ligt klaar en iedereen zoekt een plekje en gaat lezen. “Iedere les beginnen we met de krant van die dag. De leerlingen lezen een artikel dat in de groep wordt besproken. Ze geven hun mening, vertellen wat er opvalt in het artikel, wat de schrijver ermee wil vertellen en wat de kern is van het verhaal. Woorden als ‘leuk’ of ‘stom’ zijn verboden. Het gaat er juist om dat de leerlingen moeilijke woorden leren gebruiken, zodat er meer verdieping komt in het taalgebruik.”


Nieuwe woordenlijst

Iedere week ontstaat er in de Ta(a)lentklas een lijst met tien tot vijftien nieuwe woorden. Deze stellen de leerlingen samen tijdens de les. De ene week zijn het er wat meer dan de andere. De lijst gaat na afloop mee naar huis waar de leerling ermee aan de slag kan. Betekenissen opzoeken en leren gebruiken. Katie: “We zien het liefst dat ouders thuis ook meedoen. Dat motiveert niet alleen het kind, maar ook de ouder. Iedereen leert ervan. Dan snijdt het mes aan twee kanten.”



‘Ik zit in groep 8 en wil graag naar het vwo. Ik kan alleen nog wel moeilijk uit mijn woorden komen en oefen daarop in de Ta(a)lentklas’


Thuis meedoen

Ook Mohammed Ahmaki is één van de leerlingen in de Ta(a)lentklas op De Windroos. Na zijn citotoets schuift hij even aan bij het gesprek. Enthousiast vertelt hij wat er zo leuk is aan de Ta(a)lentklas: “Ik zit in groep 8 en hierna wil ik heel graag naar het vwo. Ik heb alleen nog wel moeite met mijn woordenschat. Daarom heb ik ervoor gekozen om naar de Ta(a)lentklas te gaan.” Mohammed straalt als hij praat over wat hij allemaal leert en doet. De krant lezen, onderzoek doen en presenteren zijn onderdeel van het programma. Mohammed oefent de woorden thuis vaak samen met zijn ouders en zijn broertje en zusje. “Mijn ouders weten niet altijd wat een woord betekent. Dan leg ik het aan ze uit. Zo hebben we er allemaal iets aan.”


Inhaalslag

In de Ta(a)lentklas zitten de kinderen van groep 7 en 8 bij elkaar. Zo hebben ze er maximaal twee jaar profijt van. Een deel van de kinderen is ‘taalarm’. Deze leerlingen leren te weinig Nederlandse woorden thuis.

Dit wordt veroorzaakt door bijvoorbeeld een tweetalige opvoeding of omdat er thuis te weinig wordt gelezen. Waar de meeste kinderen in groep 8 circa vijftienduizend woorden kennen, hebben zij een woordenschat van circa achtduizend woorden. Hierdoor lopen zij met name bij begrijpend lezen een achterstand op. Door ze mee te laten draaien in de Ta(a)lentklas halen zij deze achterstand weer in en starten ze op een passend niveau aan het vervolgonderwijs.


Extra taalcoaching

Wanneer de leerling eenmaal op het vervolgonderwijs zit, stopt de begeleiding vanuit school. Elk jaar komt zo ongeveer de helft van de groep in aanmerking voor coaching. Katie legt uit hoe het zit: “Als wij denken dat het verstandig is om het kind toch nog te begeleiden, bespreken wij met de leerling de mogelijkheid om een coach in te schakelen. Hierover is regelmatig contact met SOVEE, die zorgt dat een coach de leerling het eerste half jaar begeleidt op de nieuwe school.”


Rijk taalgebruik

Waarom kan er in de reguliere les niet meer tijd besteed worden aan begrijpend lezen? Volgens Katie zijn daar twee redenen voor: “Ten eerste heeft niet ieder kind deze taalverrijking nodig. Er zijn kinderen die thuis meekijken naar het journaal en programma’s zoals ‘Ik Hou van Holland’. Hierin is veel aandacht voor ‘rijk taalgebruik’. Deze leerlingen scoren dus vrij hoog op taal. Ten tweede is de nuchtere constatering dat er te weinig ruimte in het curriculum is om twee uur achter elkaar te besteden aan alleen taal. Wel proberen we steeds meer aan te sluiten bij het reguliere lesprogramma en wisselen we ideeën uit met de vakleerkrachten op school.”


Voor de kinderen die thuis weinig tot geen Nederlandse televisie kijken, waar ouders de taal niet beheersen of gewoonweg weinig taalrijk zijn, is het heel fijn om in een andere setting ondergedompeld te worden in de taal. “Eigenlijk zouden we ouders daarin meer willen stimuleren. Het zou mooi zijn als ouders wat wij hier doen ook thuis oppakken. Dat ze die woordenlijst ook op de koelkast plakken en er thuis met de leerling mee aan de gang gaan. Daar willen we nog wel een sprong in maken, maar dat kost tijd”, aldus Katie.


Een paar keer per jaar komen de coördinatoren van de Amersfoortse Ta(a)lentklassen bij elkaar om te overleggen over lesinhoud en om ervaringen uit te wisselen. Bij het overleg wordt bepaald wie van de Ta(a)lentklas-coördinatoren het lesmateriaal voor de komende periode gaat samenstellen. Iedereen komt een keer aan de beurt om teksten te schrijven en lessen te bedenken. Door elkaars materiaal te gebruiken en te delen wordt de werkdruk verdeeld en is niet iedereen continu bezig om het wiel opnieuw uit te vinden. De methode wordt hierdoor uiteindelijk verankerd daar waar het hoort: in het (basis)onderwijs zelf.

Voor meer informatie over Taalentklas, kijk op

pcboamersfoort.nl/onze-scholen/passend-onderwijs/